Het 100-puntenplan, als uitwerking van het verkiezingsprogramma
van de STADSPARTIJ, 2014-2018 

Voor Stad en Stadjers

 

Geen kolder in de kop, maar Groningse nuchterheid!

Groningen is een schitterende stad om in te wonen, leven en werken. Een levendige en bruisende stad. Een culturele stad. Met bijna 200.000 inwoners en tienduizenden bezoekers die hier komen werken, winkelen of hun ontspanning komen zoeken. Een sociale stad met oog voor Stadjers die wat extra aandacht nodig hebben. Maar ook een dure stad, de woonlasten zijn té hoog! En een compacte stad, met té weinig ruimte en té weinig groen. Een stad met veel studenten, maar met onvoldoende verspreide studentenhuisvesting. Een stad die jarenlang te veel heeft geïnvesteerd in overbodige en te dure projecten, zoals het Groninger Forum en de Regiotram.

Veel Stadjers vragen zich af of het bestuur van onze stad wel uitgaat van de wensen van de Groningers en of het stadsbestuur wel luistert naar de echt gevoelde problemen. De STADSPARTIJ gaat uit van uw wensen, ideeën, belangen en behoeften en wil daar samen met u invulling aan geven. Groningen behoort tot de armste steden van Nederland (steden met het laagste gemiddelde inkomen). Het aantal werklozen en mensen met schulden in de gemeente Groningen is hoog, de bestedingsmogelijkheden van de Stadjers zijn beperkt. In sommige gezinnen komt al generaties lang werkloosheid voor, maatschappelijk perspectief ontbreekt vaak en er zijn gezondheidsverschillen te constateren tussen deze kwetsbare groepen en overige Stadjers. Bijna een kwart van de Groningse kinderen groeit op in armoede. Bovendien telt Groningen eenoudergezinnen waarvan de helft al langer dan drie jaar moet rondkomen van een minimuminkomen. Dat moet anders. Meer Stadjers moeten aan werk kunnen komen. Iedereen moet mee kunnen doen.

Wij geloven niet in de filosofie van de (vooral door bureaucraten gecreëerde) maakbare samenleving. Wij maken zélf de maatschappij, de maatschappij dat zijn wíj.

De STADSPARTIJ wil dat iedereen goed onderwijs kan volgen, kansen op werk heeft of kan deelnemen aan voor hen zinvolle activiteiten. Bij de STADSPARTIJ bent ú aan zet. U weet zélf het beste wat nodig is in en voor uw straat, buurt of wijk. Samen met u hebben we hart voor onze stad. De stad moet voldoende toegankelijke en bereikbare voorzieningen (sociale en culturele) hebben, die de zelfredzaamheid en de ontplooiingsmogelijkheden voor de Stadjers vergroten, uw deelname aan de samenleving stimuleren en voorkomen dat mensen in een achterstandspositie raken of vereenzamen. Stadjers die zorg behoeven, moeten meer worden ondersteund om hun positie te verbeteren.

Goede ideeën en kritiek van bewoners of van de STADSPARTIJ zijn vaak nog niet welkom bij politiek Groningen. Door jarenlange gewenning aan het pluche en machtspolitiek van sommige partijen wordt u als Stadjer nog steeds onvoldoende gehoord en betrokken bij plannen die van invloed zijn op uw directe woon- en leefomgeving, zoals nieuwbouw- en prestigeprojecten als het Groninger Forum en in het verleden de Regiotram.

De STADSPARTIJ wil een schone, groene en veilige stad, goede voorzieningen en een gezonde stad met voor iedereen gelijke kansen en ontplooiingsmogelijkheden m.b.t. scholing, sport, cultuur en recreatie. Lagere gemeentelijke belastingen en minder bureaucratie u hoort erbij!

Hieronder vindt u onze ideeën over veiligheid, economie, werkgelegenheid en sociale zekerheid, over volksgezondheid, welzijn en sport, over onderwijs, cultuur en media, over wonen, verkeer en bereikbaarheid in onze stad. Wij hopen dat deze u aanspreken.

Het 100-puntenplan van de STADSPARTIJ, voor alle Groningers!
A. U staat centraal, een 50-puntenplan;
B. Uw stad staat centraal, een 30-puntenplan;
C. U (be)stuurt mee, een 20-puntenplan.

A. U staat centraal, een 50-puntenplan

Wat de STADSPARTIJ wil:

OPENBARE ORDE

A1. De politie dient voor iedereen, ook op wijkniveau, aanspreekbaar en makkelijk bereikbaar te zijn; de wijkagent moet een belangrijke(re) rol spelen; politieagenten moeten zichtbaarder op straat aanwezig zijn en minder achter het bureau zitten.

A2. De belangen van een slachtoffer staan voorop, daarna volgen die van een dader.

A3. Bij ernstige overlast moet, in alle gevallen, direct worden opgetreden en ingegrepen; overlast gevende groepen/(hang)jongeren moeten deskundig begeleid worden bij de ontwikkeling van een verantwoordelijkheidsgevoel. Succes wordt daarbij beloond.

A4. Medewerkers van Stadstoezicht moeten beter worden opgeleid en eventueel waar nodig worden uitgerust met middelen als handboeien, de wapenstok of pepperspray.

A5. Overlast van en criminaliteit gepleegd door drugsgebruikers moet directer en harder worden aangepakt.

A6. Tegen agressie (óók de verbale vorm) jegens agenten, hulpverleners, stadstoezichthouders en medewerkers van het openbaar vervoer moet sneller worden opgetreden; snelrecht moet vaker worden toegepast.

VEILIGHEID

A7. Er moet meer geld worden gereserveerd voor het beheer, het onderhoud en de veiligheid van de openbare ruimte, voor de waarborging van de kwaliteit van parken en plantsoenen. Wij zijn voor het instellen van park- en plantsoenwachters.

A8. Blokken met een gesloten woningbouw hebben onze voorkeur, want deze zijn minder inbraakgevoelig en kunnen beter beveiligd worden.

A9. Waar nodig en/of nuttig moet cameratoezicht toegepast worden. Dit vergemakkelijkt de opsporing van strafbare feiten, vergroot het gevoel van veiligheid en schrikt potentiële daders af.

A10. Rampenplannen moeten geregeld afgestoft, geoefend en geëvalueerd worden.

A11. We willen een inventarisatie van de opslag, het vervoer en de productie van gevaarlijke stoffen. Waar de risico’s onaanvaardbaar hoog zijn, dient er direct opgetreden te worden.

CRIMINALITEITSBESTRIJDING

A12. We willen meer aandacht voor de kleine (jeugd)criminaliteit en de pakkans vergroten. We streven naar een lik-op-stukbeleid en een hoger percentage van ‘opgeloste’ aangiften.

A13. Milieuoverlast, milieucriminaliteit en dierenmishandeling moeten veel strenger worden aangepakt.

A14. We willen dat mensenhandel harder en directer wordt aangepakt.

ECONOMIE EN WERKGELEGENHEID

A15. Bestaande winkels (in het centrum en de oude wijken) die in de problemen komen, willen we steunen met deskundige hulp. De diversiteit van het winkelbestand moet worden gestimuleerd.

A16. We wensen stimulerende maatregelen voor startende bedrijven en kansrijke sectoren.

A17. Díe bedrijvigheid die voor werkgelegenheid in de stad zorgt, moet aangetrokken en gestimuleerd worden. De Groningse arbeidsmarkt moet transparanter. De gemeente dient uitsluiting en vriendjespolitiek tegen te gaan. De gemeente moet belangrijke uitvoeringstaken binnen de eigen diensten zoals schoonmaak en beveiliging weer gaan ínbesteden.

A18. De samenwerking tussen overheid, universiteit en bedrijfsleven moet meer worden gestimuleerd.

A19. We willen minder betuttelende overheidsbemoeienis met markthandel, middenstand en ondernemerschap. De vier b’s (burgers, bedrijfsleven, bestuur en bureaucratie) willen we regelmatig van gedachten laten wisselen over werkelijk gevoelde problemen. Op basis van de uitkomst kunnen we gerichte actieplannen maken.

A20. De stad moet meer koopkracht en toeristen uit de regio, de Ommelanden, maar ook uit Noord-Duitsland en Scandinavië aantrekken.

SOCIALE ZEKERHEID

A21. Alle Stadjers moeten toegang tot het internet krijgen. Waar nodig dient er begeleid te worden, bijvoorbeeld middels computercursussen.

A22. We willen een rechtvaardig minimabeleid; de rol van de cliëntenraad t.a.v. het uitvoeringsbeleid van Sociale Zaken moet worden versterkt en de (werk)wensen van de Groninger werklozen en minima dienen beter en realistischer te worden geïnventariseerd (zie ook punt 17 en 19). De nadruk dient te liggen op emancipatie van alle minderheidsgroeperingen.

A23. De bijzondere bijstand moet efficiënt en effectief worden uitgevoerd; rechthebbenden moeten duidelijker van hun rechten bewust worden gemaakt. De onafhankelijke bezwaarschriftencommissie moet in stand worden gehouden.

A24. We willen minder overheidspersoneel achter het bureau hebben zitten; meer persoonlijk contact, meer de wijken in. De schuldsanering moet eenvoudiger. We wensen meer aandacht voor sport, recreatie en cultuur voor kinderen uit arme gezinnen, zónder daarbij te discrimineren. De mogelijkheden van de stigmavrije Stadjerspas moeten worden uitgebreid.

A25. Er moet meer rekening gehouden wordt met de wensen van wijkbewoners bij wijkvernieuwingsplannen; samen met alle betrokken Stadjers een meer op de wijk toegesneden aanpak formuleren, waarbij de bewoners, veiligheid en werk en welzijn vooropstaan. In het sloop- en bouwbeleid moet terughoudendheid worden betracht (zie ook B7)

VOLKSGEZONDHEID EN WELZIJN

A26. We wensen speciale aandacht voor ouderen, zwakkeren, mensen met een lichamelijke of verstandelijke beperking, mantelzorgers, allochtone Stadjers en zij die in eenzaamheid verkeren. De STIPS’ moeten worden uitgebreid en er dient een betere ondersteuning te komen van vrijwilligers.

A27. De beschikbare rijksbudgetten moeten voor 100% worden besteed aan waar ze voor bedoeld zijn; managers en instellingen die de grootte van hun verdiensten aan zorgbudgetten belangrijker vinden dan het verlenen van zorg, moeten hard worden aangepakt.

A28. We willen de nadruk leggen op de mogelijkheden voor ouderen en Stadjers met een beperking om zo láng mogelijk verantwoord zelfstandig te wonen, indien zij zélf aangeven dit te willen. We willen goede ondersteuning bieden bij het thuiswonen en het (her)organiseren van het huishouden. Op het WMO-beleid mag níét worden bezuinigd.

A29. Elke vorm van discriminatie moet hard worden aangepakt. De STADSPARTIJ onderscheidt mensen niet op grond van hun afkomst, uiterlijk of religie; iedereen wordt gelijk behandeld, is Stadjer, moet zich Stadjer kunnen voelen, maar heeft ook recht op zijn eigen ‘cultuurbeleving’ en/of het praktiseren van zijn eigen religie.

A30. Het integraal welzijnsbeleid, de bedrijfsvoering en de communicatie daaromtrent, kan nog worden verbeterd. In de pool van deskundigen waaruit wijken kunnen putten dient een ruime en grote wijkaffiniteit gekweekt te worden. Projectgerichte subsidies moeten door wijken zélf aangevraagd kunnen worden. We willen speciale aandacht voor eenzame ouderen en gehandicapten die slechts over een klein sociaal netwerk beschikken.

A31. We streven naar een sterke financiële en organisatorische ondersteuning van goed functionerende (vrijwilligers)instellingen en (vrijwilligers)organisaties.

A32. We wensen geen concentratie van beleid en voorzieningen, maar zo veel mogelijk spreiding over de gehéle stad; het activiteitenaanbod voor bijvoorbeeld kinderen en jongeren dient dus voldoende gespreid te zijn.

A33. De Stadjers moet beter duidelijk gemaakt worden wat er op het terrein van welzijn en sociaal-cultureel werk met hun belastinggeld gebeurt. Wáár wordt vooruitgang geboekt en waar níét.

SPORT

A34. Het sportbudget dient vooral besteed te worden aan voor iedereen toegankelijke amateursport en sportverenigingen.

A35. Vrijwilligers moet zo veel mogelijk ruimte gegeven worden en waar nodig meer ondersteuning en verantwoordelijkheid in het beheer en onderhoud van de eigen accommodaties; openbare sportgelegenheden moeten worden verduurzaamd en waar nodig verbeterd of uitgebreid. Kids United dient de mogelijkheid te krijgen om een eigen accommodatie te bouwen voor kinderen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking.

A36. Er moet een behoeftepeiling van de sportwensen onder de sportende Stadjers worden gehouden, op grond waarvan verbeteringen in het sportbeleid kunnen worden doorgevoerd.

ONDERWIJS

A37. De kwaliteit en de spreiding van het onderwijs zijn van groot belang; iedere wijk zijn eigen basisschool. Het voorkomen van schooluitval geniet prioriteit, de leerplichtwet moet strenger worden gehandhaafd.

A38. We streven een groter cultureel aanbod na, met daarin ook méér aandacht voor de regionale geschiedenissen van wijk, Stad, provincie en Noord-Nederland.

A39. We maken ons hard voor gezonde schoolgebouwen met een goed binnenklimaat en een veilige schoolomgeving. We willen voldoende betaalbare en geschikte accommodaties voor buitenschoolse opvang.

A40. Scholen moeten beschikken over een vakdocent lichamelijke opvoeding, een schoolmaatschappelijk werker en een sociaal-cultureel werker.

A41. De beschikbaarheid van stageplaatsen dient een rol te spelen bij het aantrekken van nieuwe bedrijven; een goede aansluiting op de Noordelijke arbeidsmarkt is van groot belang.

CULTUUR

A42. Jongeren moeten kunnen meedenken over het vergroten van hun betrokkenheid bij cultuurconsumptie, zoals toneel-, theater-, concert- en museumbezoek.

A43. Bibliotheken moeten voldoende worden voorzien van de nieuwe media.

A44. We wensen géén Forum achter de Grote Markt, maar investeringen in bestaande culturele voorzieningen.

A45. We streven naar betaalbare atelierplekken voor kunstenaars en naar permanente tentoonstellingsruimten voor onbekende, beginnende kunstenaars.

A46. Wij ondersteunen kleinschalige kunstuitingen.

A47. We zien af van slecht voorbereide en dure cultuuruitspattingen, zoals Blue Moon, en ondersteunen en stimuleren vooral initiatieven uit de Groninger kunst- en cultuurwereld zélf.

MEDIA

A48. De overheidsbemoeienis met de lokale media dient zo gering mogelijk te zijn.

A49. We willen de lokale media uitdagen zich méér in te zetten voor en bij het proces van meningsvorming en voor referenda over actuele onderwerpen die in de stad spelen.

A50. We willen dat de Stadjers meer inspraak krijgen op het zenderaanbod van de kabel (radio en tv).

B. Uw stad centraal, een 30-puntenplan 

Tussen ruimtelijke ordening en verkeer en vervoer bestaat een onlosmakelijke samenhang. Voor een stad als Groningen met een sterke regionale functie is bereikbaarheid van het grootste belang en een bron van onze welvaart. De afgelopen decennia is de stad steeds dichter bebouwd, terwijl de doorstroming van het verkeer steeds meer belemmerd is geraakt. Dit is voor iedereen, Stadjers en Ommelanders, een grote bron van ergernis. Projectontwikkelaars, architecten, huisjesmelkers en speculanten bepalen té veel en té vaak het uiterlijk van onze stad. Plannen moeten ons inziens juist gezamenlijk met wijkbewoners worden bedacht en niet puur en alleen door ambtenaren achter bureaus. Wij vinden dat wijkbewoners veel meer invloed moeten krijgen. Daarbij is het van groot belang dat de invloed van Ruimtelijke Ordening, al decennialang een groot en machtig PvdA-bolwerk in onze stad, wordt teruggeschroefd en dat er weer wordt geluisterd naar de Stadjers. Bewoners moeten van het begin af aan over bouwplannen of andere veranderingen in hun leefomgeving worden geïnformeerd, en hun moet de mogelijkheid worden geboden om constructief mee te denken en te praten. De samenwerking met projectontwikkelaars moet constant kritisch tegen het licht worden gehouden.

De STADSPARTIJ wil een goed gespreide voorraad goedkope (huur)woningen voor starters en minder vermogende Stadjers. Voor het grote aantal studenten moeten meer en betere woonvoorzieningen komen en kamerverhuur moet beter worden gereguleerd. Ook een ruime studentencampus op bijvoorbeeld het voormalige Suikerunieterrein is gewenst. Zo een campus vermindert de druk op de overige woonwijken van de stad. De huidige 15%-norm qua kamerverhuurpanden per straat moet actief worden gehandhaafd, zeker bij overlast of in onwenselijke situaties. Daarbij vindt de STADSPARTIJ ook dat er méér rekening gehouden dient te worden met de lengte van een straat, opdat te veel ‘opeenhoping’ van die 15% in een bepaald gedeelte van een straat kan worden vermeden. 

De STADSPARTIJ is van mening dat de argumenten die ten grondslag liggen aan het plan om het Groninger Forum te bouwen níét kloppen. De voorgenomen bouw van het Groninger Forum gaat ten koste van huidige culturele instellingen en wijkvoorzieningen. De STADSPARTIJ is als enige politieke partij van begin af aan tégen het Forum geweest en houdt haar rug recht: vooralsnóg een duidelijk NEE tegen het Groninger Forum!

De STADSPARTIJ wil een duurzame stad met ruimte en groen. Niet alles volbouwen. Op die manier kan Groningen en met name de Groninger binnenstad zijn karakter behouden. Geen verdichting door hoogbouw en minder overlast van verkeer. Te lang leegstaande kantoren en woningen boven winkels kunnen worden omgebouwd tot appartementen.

De STADSPARTIJ is voor een betere bereikbaarheid van de stad, waarbij duurzaamheid een uitgangspunt is. Daarom wil de STADSPARTIJ goed en betaalbaar openbaar vervoer, goedkopere parkeergarages en een aantrekkelijke Zuidelijke Ringweg. Veiligheid in de omliggende wijken is daarbij van groot belang. De STADSPARTIJ is voor nóg betere fietsverbindingen. Groningen is en blijft een fietsstad bij uitstek.

Wij strijden ertegen dat de stad nog verder onverantwoord volgebouwd wordt. Nog meer verdichting betekent nog meer ergernis. Wij willen samenhang in beleid en uitvoering wat betreft ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer.

Wat de STADSPARTIJ wil:

VOLKSHUISVESTING

B1. Wij wensen de bouw en renovatie van goedkope huurwoningen over de gehele stad voor starters en Stadjers met lage inkomens. In deze woningvoorraad mag voorlopig niet gesloopt worden. Er moet een herbezinning komen op lopende wijkvernieuwingsactiviteiten en bouwprogramma’s (zie ook A8 en A25).

B2. We willen dat er gebouwd wordt naar de wens van de mens (marktgericht) en streven voldoende variatie in het woningaanbod na. Groningen is geen speeltuin voor exotische architecten.

B3. Woningbouwcorporaties zijn geen makelaars of projectontwikkelaars. Omwonenden moeten vroegtijdig worden betrokken bij planontwikkelingen.

B4. Welstandscommissies dienen te opereren op basis van duidelijke en van tevoren vastgelegde uitgangspunten. Ook gewone Stadjers moeten deel van die commissies kunnen uitmaken. Welstandscommissies dienen te beseffen dat niet alle delen van de stad even kwetsbaar zijn.

B5. Wat betreft de STADSPARTIJ gaat verbouw of herbouw in historisch kwetsbare stadsdelen vóór nieuwbouw; we voeren oppositie tegen onverantwoorde of niet-passende hoogbouw (zie B15 en B17). Daarom dus géén Groninger Forum achter de Grote Markt.

B6. We willen het eigen woningbezit bevorderen met daarbij speciale aandacht voor starters op de woningmarkt. We streven de bouw van een studentencampus na, waardoor de (huisvestings)druk op de wijken minder wordt en er weer een gevarieerder woningaanbod ontstaat voor gezinnen.

B7. We streven naar meer koopwoningen voor de middengroepen in het centrum en de schilwijken.

MILIEU

B8. Duurzaam bouwen zien wij als een noodzaak (minder ‘wegwerparchitectuur’, zie ook B1 en B3).

B9. We willen dat de gemeente meer reinigingspersoneel in dienst neemt, met nadruk op beheer, onderhoud en handhaving.

B10. We willen kringloopactiviteiten beter stimuleren en verder professionaliseren (hergebruik van tweedehands goederen).

B11. Projecten dienen eveneens beoordeeld te worden op milieuvriendelijkheid.

B12. Goede ideeën dienen gehonoreerd te worden en het vuilnisverwerkingssysteem op gezette tijden geëvalueerd.

B13. We willen meer aandacht voor het opruimen van zwerfvuil, meer openbare toiletten en urinoirs, meer prullenbakken op straat, die vaker geleegd worden, en afvalcontainers voorzien van bakken voor klein afval en hondenpoep.

RUIMTELIJKE ORDENING

B14. We willen Stadjers in een vroeger stadium betrekken bij nieuwe plannen en aan hen daadwerkelijk invloed geven op de planontwikkeling (waarbij de nadruk ligt op processturing en begeleiding vanuit de gemeente).

B15. Er dient een eenvoudig afwegingsinstrument ingezet te worden bij discussies over het behoud of de sloop van panden (zie B4 en B17). Een afwegingsmatrix geeft snel inzicht in de situatie.

B16. We verzetten ons tegen eenvormigheid en streven naar het behoud en de versterking van het eigen  karakter van buurten en wijken.

B17. Bouwen: nieuw waar het kan, aangepast waar het moet (zie B4 en B15).

B18. We willen het gebied tussen Groningen en Assen zodanig ontwikkeld zien, dat bewoners en bezoekers snel de stad kunnen bereiken.

B19. We streven de bevordering na van ‘Groningen netwerkstad’ met behulp van fijnmazig openbaar vervoer.

B20. We willen niet alle activiteiten concentreren in de binnenstad; het principe van de compacte stad moet losgelaten worden. Wie ruimte in onze gemeente zoekt, vindt deze, met name in het noorden.

B21. Wat betreft de Grote Markt gaat onze voorkeur uit naar een duidelijke ruimtelijke samenhang (oost- en noordwand). Evenwichtige gevelvariatie krijgt van ons prioriteit.

VERKEER EN VERVOER

B22. We willen dat de autobereikbaarheid van de stad op de hoofdassen wordt verbeterd, met inachtneming van de verkeersveiligheidsaspecten en een evaluatie van het gebruik van vrije busbanen.

B23. Wij zetten in op snelle regiospoorverbindingen en op de verbetering van regionaal openbaar vervoer, waaronder een treinverbinding met het Zernikecomplex en een snelle treinverbinding via Drachten met Heerenveen, met aansluiting op de Hanzelijn.

B24. We streven naar de realisatie van zogeheten ‘groene golven’ voor autoverkeer op de hoofdassen, wat een betere doorstroming bewerkstelligt en beter is voor het milieu. Onnodige wegversmallingen dienen verwijderd te worden.

B25. We streven naar een fijnmazig openbaar vervoer, verbetering van het openbaar vervoer en de frequentie ervan, van en naar de transferia en van en naar de buitenwijken. Er moet meer geld beschikbaar worden gesteld voor lokaal en regionaal openbaar vervoer en er moet één tarief gelden voor de hele stad.

B26. We willen investeren in meer en duidelijker voetgangersvoorzieningen, ook voor mensen met een visuele beperking, en fietsstallingen. Er moeten veiliger fietsroutes voor scholieren komen, en het bijzonder vervoer moet over de busbanen kunnen rijden.

B27. Het verkeerscirculatieplan uit 1974 dient geëvalueerd te worden en zo nodig aangepast.

B28. We zijn voor de Zuidelijke Ringweg, maar wensen daarbij wél extra aandacht voor de verkeersveiligheid in de omliggende wijken, naast een rechtstreekse aansluiting op de Hereweg en een fietstunnel ter vervanging van de spoorwegovergang Esperantostraat.

B29. We staan geen extra verkeersdruk in het stationsgebied en de Diepenring toe. De aanpak van de Diepenring dient niet halsoverkop te geschieden; in de binnenstad moet zo veel mogelijk geparkeerd kunnen worden in bezoekersvriendelijke en toegankelijke parkeergarages voor een láger tarief dan op straat. We vinden dat het principe van budgetneutrale financiering van parkeren moet worden losgelaten.

B30. Het huidige parkeerbeleid dient grondig en regelmatig geëvalueerd te worden. Wij streven naar een uitbreiding en versoepeling van de bezoekerspasregeling om te kunnen parkeren in de schilwijken. We zijn voor de ontwikkeling van een 70+-parkeerplan voor oudere Stadjers, gehandicapten en mindervaliden.

C. U stuurt mee, een 20-puntenplan

De vele voor de rechter uitgevochten conflicten laten zien dat er een kloof is ontstaan tussen de ambities van de ambtelijke diensten en het bestuur van onze stad enerzijds, en uw wensen anderzijds. Deze kloof is ontstaan, omdat niet de wensen van de Groningers, úw wensen centraal staan, maar die van ambtenaren, architecten, projectontwikkelaars, woningbouwverenigingen en sommige lokale politici. Binnen veel gemeentelijke instellingen heerst een cultuur van ‘alles vóór u, maar niets dóór u’.

Omdat veel Stadjers teleurgesteld zijn geraakt tijdens zogenaamde inspraakrondes’ die achteraf nooit bedoeld bleken te zijn geweest om de burger daadwérkelijk invloed te geven en velen van hen onvoldoende gehoor vonden bij de gemeenteraad, hebben zij weinig vertrouwen meer in de politiek en de lokale democratie. Dit ondanks alle mooie woorden en beloften van zittende politieke partijen. Ook in de komende verkiezingstijd zal er door hen weer van alles beloofd worden, maar hoort of ziet u na de verkiezingen nog weleens iets van hen?

Mede daarom gaat het niet goed met de gemeentepolitiek. Er is een vervreemding opgetreden tussen Stadjers en ondernemers en hun bestuur. Veel Groningers laten dat blijken door niet meer te gaan stemmen. Tóch zijn er ruim voldoende mensen onder de Stadjers te vinden met goede ideeën. Mensen die zich willen inzetten voor hun stad. Wij willen als STADSPARTIJ deze kwaliteiten benutten en daar waar mogelijk inzetten.

Het is tijd voor een andere politieke en ambtelijke cultuur .

Daarom moeten meer verantwoordelijkheden naar de wijken worden overgeheveld, zodat u merkbare invloed op uw directe woon- een leefomgeving kunt uitoefenen. Ambtenaren moeten naast klantgericht (eenrichtingsverkeer) ook vraaggericht (tweerichtingsverkeer) gaan werken. En vooral dienstbaar; ze worden door ú betaald. Wie weleens een gemeenteraadscommissie bijwoont, kan vaststellen dat de politici voornamelijk met elkaar praten en niet met de burger. Er wordt slecht geluisterd en alle te nemen besluiten lijken voorgekookt. De raadsleden vervullen hun functie als vertegenwoordiger van het volk, als úw vertegenwoordiger, ondermaats. De raad is veel te meegaand met het college van B&W en is te weinig kritisch op zijn (door ambtenaren uitgestippelde) beleid.

Bent u het met ons eens? Steun dan de STADSPARTIJ voor een andere politiek!

Wat de STADSPARTIJ wil:

WIJKGERICHT WERKEN EN REFERENDA

C1. We willen wijkraden stimuleren en bevorderen, waarbij deze worden ondersteund door een gemeentelijke wijksecretaris.

C2. We willen de positie van onafhankelijke wijkkranten bevorderen.

C3. De mening van burgers (in georganiseerd én ongeorganiseerd verband) willen wij zwaarder laten meewegen bij besluitvormingen in de gemeenteraad.

C4. Wij streven ernaar om zo veel mogelijk inwoners van de stad op termijn via internet hun mening te kunnen laten geven en te kunnen laten stemmen.

C5. We zijn voor het instellen van een stadspanel milieu, volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en verkeer en vervoer’, met wisselende samenstelling en onder onafhankelijk voorzitterschap.

DE GEMEENTERAAD

C6. De volksvertegenwoordigers in de gemeenteraad dienen het college van B&W onafhankelijker te controleren dan nu het geval is; een raad die meer stuurt en controleert op hoofdlijnen en meer gebruikmaakt van externe adviezen. Wij willen dat de gemeenteraad een vernieuwingsagenda 2014-2018 opstelt, waarbij kritisch wordt gekeken naar de ambtelijke diensten en de mogelijkheden tot efficiënter en effectiever bestuur. Daarnaast willen we een nadere invulling geven aan begeleid door de corresponderende uitwerking van de ideeën- en klachtenbus. Goed functionerende afdelingen zouden beloond moeten worden en de Rekenkamer Commissie dient onafhankelijk te zijn, met zitting van enkel externe leden.

C7. Raadsleden moeten vaker gebruikmaken van enquêtemogelijkheden inzake lastige kwesties.

C8. Meer diversiteit in de raad is gewenst. Wij geven op onze kieslijst de voorkeur aan actieve burgers die betrokken zijn bij vrijwilligers-, sport- en culturele organisaties.

C9. Wij willen dat de gemeenteraadsverkiezingen niet gelijktijdig met de landelijke verkiezingen worden uitgeschreven.

DE BURGEMEESTER

C10. Een gekozen burgemeester geniet onze voorkeur.

DE WETHOUDERS

C11. Wij zien er geen probleem in dat wethouders van buiten de gemeenteraad worden benoemd.

C12. Een wethouder zit bij de STADSPARTIJ maximaal drie termijnen (12 jaar).

C13. Wethouders dienen niet alleen hun werkplek op het stadhuis te hebben, maar ook daar waar hun ambtenaren werken.

DE AMBTENAREN

C14. Ambtenaren moeten transparant handelen en een inzichtelijke verantwoording geven van hun geboden diensten, volgens een heldere verdeling van taken en bevoegdheden. De gemeenteraad is het orgaan dat uiteindelijk het beleid bepaalt.

C15. De ambtelijke cultuur moet veranderen; ambtenaren dienen ook te luisteren naar vragen en wensen uit de bevolking en horen heldere, begrijpelijke en korte ambtelijke stukken te schrijven in gewoon Nederlands. Vraaggericht náást klantgericht werken moet daarbij de nieuwe cultuur worden.

C16. Wij streven naar een uitbreiding en een versterking van een onafhankelijke ombudsfunctie; er moet beter naar de ombudsman of -vrouw geluisterd worden.

C17. We wensen een adequate en consequente uitvoering van reeds geformuleerd beleid m.b.t. de gemeentelijke inspraakverordening. Deze verordening moet in de uitvoering ervan worden verbeterd; er is een té groot verschil tussen dat wat op papier wordt beleden en de werkelijke situatie buiten op straat, in wijken en buurten. Dat moet en dat kan anders. 

FINANCIËN EN BELEIDSEVALUATIE

C18. Wij wensen een openlijke beoordeling van onze gemeentelijke belastingdruk in vergelijking met andere steden in Nederland. Ons beleidsuitgangspunt is: de gemeentelijke belastingen moeten omlaag. We streven naar een doorbreking van de historisch gegroeide automatismen in budgettoedeling; het gemeentelijk huishoudboekje moet voldoende op orde zijn.

C19. We willen een actievere en scherpere sturing van de gemeentelijke uitgaven en vasthouden aan de kostendekkendheid van de gemeentelijke tarieven. Wij maken ons hard voor een kwijtscheldingsbeleid t.a.v. de minst draagkrachtigen in onze gemeente.

C20. We ageren tegen de bouw van letterlijke en figuurlijke luchtkastelen, waarvan de rekening, direct of indirect, té vaak bij de belastingbetaler wordt neergelegd. Dat gaat ten koste van het welzijn en inkomen van de Stadjers en verkleint de mogelijkheden om de leefbaarheid en de bereikbaarheid van onze stad te vergroten.

Indien u het met ons eens bent, word dan lid van of actief bij de STADSPARTIJ, voor alle Stadjers!

Dit 100-puntenplan is inhoudelijk door de fractie van de STADSPARTIJ vastgesteld op basis van het door de leden op 10 december 2013 vastgestelde verkiezingsprogramma 2014-2018.